woensdag 10 maart 2010

Jongens waren we, maar aardige jongens

Vandaag begint de 75e boekenweek met het motto'Titaantjes waren we, opgroeien in de letteren'. Automatisch denk ik aan mijn eerste schreden op het literaire pad. Hoe ontstaat de liefde voor het boek en de literatuur. Ik kom niet uit een gezin met een zogenaamde leestraditie. Er werd wel gelezen, maar ik kan me van mijzelf herinneren dat ik, samen met een vriendinnetje, de hele jeugdbibliotheek leeg heb gelezen. Ik las elk moment van de dag als er niet iets anders moest. Uren heb ik doorgebracht met lezen tot diep in de nacht. Mijn ouders hadden de gewoonte om voordat ze zelf naar bed gingen bij de kinderen te kijken en ik kende elke geluidje dat aankondigde dat mijn ouders aanstalten maakten om te gaan slapen. Ik deed dan snel het licht uit en hield me slapende, mijn vader trapte er altijd in, en als ze één keer in bed lagen gauw het licht weer aan en lezen. Zo gek was bij ons thuis niemand.

Veel jongeren haken af als lezen 'verplicht' wordt op de middelbare school. Ik hoorde Joost Zwagerman (schrijver van het Boekenweekgeschenk) zeggen dat veel te maken heeft met de leraar Nederlands die je hebt. Dat zal ongetwijfeld zo zijn, maar het zijn bij mij toch niet de leraren geweest die mij aan het lezen hebben gehouden. Ik weet dat er veel moois is verschenen, maar in mijn middelbare schooltijd las ik alleen (of het liefst, want ja we 'moesten'die oudjes natuurlijk wel lezen) wat nieuw verscheen. En wij moesten echt lezen, 25 boeken alleen al voor Nederlands en ik had ook nog eens alle vreemde talen!
Ik kan je vertellen, er zaten fantastische boeken bij. Ik was gek op Jan Wolkers, maar je mocht maar één boek van een schrijver op de 'lijst' zetten. Ik kan me de 'Huilende libertijn' herinneren van Andreas Burnier en 'De kat achterna' van Doeschka Meijsing. 'Een vlucht regenwulpen' van Maarten 't Hart. 'Slechte mensen' van Maarten Biesheuvel, een geweldig boek en nog beter als je vervolgens een interview met hem zag, ondersteund door zijn rots in de branding Eva. 'Mijn tante Coleta' van R.J. Peskens en natuurlijk 'Twee vrouwen' van Harry Mulisch, weer helemaal actueel, nadat het twee jaar geleden het boek was dat 'Nederland leest'.
Als ik het rijtje nu terug zie zijn het veel vrouwen en toch ook veel boeken die modern waren voor die tijd en nu voor een deel toch ook bij de klassiekers horen. En zo gaat het nog steeds. Als je jong bent is het toch geweldig om een boek te lezen als 'Joe Speedboot' van Tommy Wieringa of 'De passievrucht' van Karel Glastra van Loon? En natuurlijk Joost Zwagerman, Ronald Giphart of Robert Vuijsje (hé, waar zijn de vrouwen gebleven? Daar moet ik toch eens induiken).
Opgroeien in de letteren dus. Als je van verhalen houdt valt er altijd een juiste snaar te raken en is lezen een boeiende bezigheid die je meer leert en laat zien dan je voor mogelijk houdt.
O ja, en alles is gewoon te leen in de bibliotheek! En als je nog geen lid bent: nu lid worden met 50% korting!

2 opmerkingen:

Harry zei

Leuk dat je een aantal auteurs noemt, die in de vergetelheid dreigen te raken, zoals Biesheuvel, Burnier en Peskens.

Monic zei

Ja, maar het nadeel is dan meteen weer wel dat je er moeilijker aan kunt komen, maar via de bieb lukt dat nog steeds.